Helend verhaal

Een helend verhaal is een op maat geschreven verhaal dat een positief beeld van het kind schetst en nieuwe mogelijkheden of oplossingen aandraagt voor een angst, onzekerheid of probleem. Denk hierbij aan bijvoorbeeld bang zijn bij het slapen gaan, spanningen op school of onzekerheden of angst bij zwemlessen. In het verhaal komen figuren voor die voor het kind belangrijk zijn en van alles beleven.

 

Via het verhaal kan een kind naar zijn of haar eigen onbewuste deel geleid worden, waarin een aangereikte oplossing door het kind als waar aangenomen kan worden en hoop geeft op verlossing van een angst of het oplossen van een probleem. Met een helend verhaal wordt de eigen verbeeldingskracht aangesproken en het zelfgenezende en oplossingsgerichte vermogen van kinderen in werking gesteld. Een verhaal werkt soms krachtiger dan een gesprek, bijvoorbeeld bij kinderen die zich te onveilig voelen om over hun problemen te praten of moeite hebben met het vinden van de juiste woorden. Het voorlezen van een verhaal kan een manier zijn om dit probleem te omzeilen. In een verhaal kan namelijk alles.

Bovendien: het verhaal is er altijd!

Bron: verhalenbundel Kind in kracht

 

Het doel van een helend verhaal:

  • Het kind voelt zich begrepen, gehoord en gezien.
  • Het kind ontdekt dat er andere mogelijkheden zijn om met een probleem om te gaan.
  • Het zelfvertrouwen van het kind wordt vergroot.
  • Een helend verhaal is leuk en ontspannend.

Wil je een helend verhaal voor je kind?

Neem dan de tijd om de volgende vragen te beantwoorden:

  • Wat is de naam en leeftijd van je kind?
  • Wat doet je kind graag?                                                                                         
  • Wat is het probleem?
  • Welke eigenschappen zou je graag willen dat je kind krijgt?                   
  • Wat zijn de favoriete knuffels, idolen, of helden van je kind?     

 

De kosten voor een op maat geschreven helend verhaal zijn 25 euro. 

 


voorbeeld van een helend verhaal

over echt jezelf mogen zijn

Tijn is een jongen van 8 jaar. Hij woont in een dorpje waar hij veel buiten speelt en op zoek gaat naar insecten of klimt in bomen. Hij houdt ervan om te fietsen en te spelen met de kinderen uit de buurt. Hij is dol op koken, knutselen en spelletjes doen met zijn vrienden. Tijn is vaak bij zijn opa en oma die een eindje verderop wonen. Hij speelt graag bij opa en oma op zolder. Op een dag, ontdekt hij daar een grote spiegel.  Hij kijkt in de spiegel en ziet iets heel bijzonders: hij ziet zichzelf met gekleurde haren. Het is een toverspiegel! Soms ziet hij groene haren, dan weer roze haren en soms glitters. Als Tijn een wens doet, verandert de kleur. Als Tijn naar huis gaat, zwaait hij naar de toverspiegel en zegt de toverspreuk: “Talantra, minta kielekein, nu ben ik weer Tijn”. Dan is alles weer normaal. Zijn beste vriend Jeroen is een leuke jongen omdat hij houdt van spelletjes doen, vooral monopoly vinden ze leuk om samen te spelen. Jeroen kent het geheim van de toverspiegel omdat Tijn hem dit heeft verteld. Jeroen vindt het stoer dat hij het geheim van de toverspiegel kent en komt graag met Tijn bij opa en oma spelen. Als Jeroen voor de toverspiegel staat, ziet hij zichzelf soms met blauwe haren. Hij vindt Tijn een bijzondere vriend en geniet van het geheim dat ze samen delen. Jeroen heeft zijn eigen spreuk voor de spiegel: “Talantra, minta kielekoen, nu ben ik weer Jeroen”.  De zus van Tijn heeft de geheime toverspiegel ook ontdekt. Als zij ervoor staat heeft ze plotseling de prachtigste jurken aan. Van die mooie lange jurken met grote rokken, linten en een diadeem op haar hoofd met diamanten. Tijn heeft wel eens om een hoekje gegluurd als zijn zus voor de toverspiegel staat. Hij is stiekem wel een beetje jaloers op zijn zus omdat zij mooie jurken ziet in de spiegel en hij niet. Op een dag mag Tijn logeren bij opa en oma en staat Tijn voor de toverspiegel. Hij heeft deze dag roze haren met glitters. Hij wenst dat ook zijn nagels een andere kleur krijgen. Tijn spreekt de wens hardop uit terwijl hij voor de spiegel staat. In de spiegel ziet Tijn dat zijn nagels langzaam roze worden. Tijn kijkt nog eens goed en kan bijna niet geloven wat hij ziet. Is dit echt waar? Tijn springt een gat in de lucht. Hij heeft roze haren en roze nagels! Hij voelt zich heel erg mooi. Tijn is zo blij dat hij niet doorheeft dat het al tijd is om naar school te gaan. Tijn komt op school met roze haren en roze nagels. Plotseling voelt hij zich niet lekker. Hij heeft buikpijn en is misselijk. Hij bedenkt zich dat hij in de haast niet gezwaaid heeft naar de spiegel en de toverspreuk niet heeft gezegd. Daarom kunnen anderen zijn geheim zien! De kinderen uit de klas zien Tijn en kijken hem met grote ogen aan. Ze stellen hem veel vragen. Hoe kom je aan roze haren? Waarom heb je roze haren? Waarom heb je je nagels gelakt? Wat een stomme kleur! Je lijkt wel een meisje! En een paar kinderen lachen hem uit. Tijn moet er heel erg van huilen. Hij is heel verdrietig dat de kinderen zo naar tegen hem doen. Tijn is boos op zichzelf omdat hij de spiegel niet gedag heeft gezegd en de kinderen zo stom tegen hem doen. De hele dag is Tijn boos. Als meester wat aan hem vraagt, geeft hij geen antwoord. Het liefste zou hij onzichtbaar worden. Als de schooldag om is, staat de hond van Tijn bij het hek te wachten. Tijn is blij om hem te zien en rent naar zijn hond en knuffelt hem. Tot zijn grote verbazing hoort hij de hond zeggen dat Tijn er prachtig uitziet met zijn roze haren en nagels. Tijn stapt van zijn fiets af, kijkt om zich heen en kijkt naar zijn hond. Zijn hond is net als altijd: bruin met een zwart snuitje en een korte staart. Heeft Tijn het zich verbeeld? Droomt hij misschien? Tijn kijkt de hond aan en de hond zegt het nog een keer: “Wat ben je prachtig Tijn!” Tijn en de hond gaan naar opa en oma. Na het eten van een broodje neemt Tijn zijn hond mee naar de toverspiegel. Ze staan samen voor de spiegel als de hond vraagt wat Tijn graag zou willen. Tijn aarzelt en zegt dat hij ook mooie jurken wil dragen, maar dan zonder dat iemand hem ziet, want dat vindt hij een beetje spannend en hij heeft gemerkt dan sommige kinderen gekke dingen zeggen en hem uitlachen en dat wil hij niet. De hond moedigt Tijn aan om tegen de spiegel te zeggen dat hij een mooie jurk wil. Tijn zegt het heel erg zachtjes, het is bijna niet te horen. Hij zwaait de spiegel gedag en zegt zijn toverspreuk “Talantra, minta kielekein, nu ben ik weer Tijn”. Tijn valt op zolder in slaap met de hond op zijn voeteneind.

 

 

Als Tijn de dag erna wakker wordt, rent hij naar de spiegel. Hij kijkt erin en ziet zichzelf staan. Gewoon, in zijn pyjama. Hij zegt de spiegel goedemorgen en verzamelt al zijn moed. Hij zegt tegen de spiegel dat hij een mooie prinsessenjurk wenst. Eentje met glitters en linten en een diadeem vol diamanten op zijn hoofd. Tijn kan zijn ogen niet geloven...het werkt! Tijn ziet zichzelf in de spiegel in een blauwe jurk met glitters en linten en op zijn hoofd staat een diadeem met diamanten. Tijn is er stil van. Hij kijkt en kijkt. Wat prachtig! Zijn oma roept hem voor het ontbijt. Tijn zwaait naar de spiegel en roept zijn toverspreuk. Dank je wel lieve spiegel! Tijn is die dag dromerig op school. Hij denkt terug aan de mooie start van de dag. Hij begrijpt dat hij die mooie jurk te zien kreeg omdat hij erom heeft gevraagd. Tijn speelt die middag met Jeroen. Hij vertelt Jeroen dat hij die ochtend om een mooie jurk vroeg en die toen ook zag in de spiegel. Jeroen vindt het stoer van Tijn dat hij dit gedurfd heeft. Die avond, als Tijn weer voor de spiegel staat, heeft hij een gouden jurk aan. Dan komt zijn zus de zolder oplopen. Ze ziet Tijn in de gouden jurk. Ze springt omhoog en knuffelt Tijn. Ze zegt tegen Tijn dat hij er prachtig uitziet! Papa en mama komen Tijn en zijn zus ophalen bij opa en oma. Samen gaan ze naar huis. Tijn valt thuis in een diepe slaap. Het is een mooie dag geweest. Als Tijn de volgende dag wakker wordt, hangt er naast zijn bed een hele mooie jurk, met groene strikken. Tijn kijkt nog eens goed...ziet hij het echt goed? Hij knippert met zijn ogen en de jurk hangt er nog steeds. Naast de jurk ligt nog een cadeautje. De hond van Tijn vertelt hem dat het een onzichtbaarheidsmantel is, die Tijn over de jurk aan kan trekken. Tijn gaat die dag naar school met de groene jurk met strikken en daarover heen de onzichtbaarheidsmantel. Tijn voelt zich mooi en vrolijk. Kinderen uit de klas zien Tijn en vragen hem hoe het komt dat hij zo vrolijk is. Tijn aarzelt even en vertelt dan dat hij zo’n leuke droom heeft gehad waarin hij zich als een prinses voelde met mooie jurken aan. De kinderen om hem heen kijken hem aan en zien dat hij heel erg blij en gelukkig is. Ze vragen hem hoe de jurken eruit zien. In de kring vertelt Tijn over de jurken, zijn gelakte nagels en zijn gekleurde haren. De kinderen uit de klas zijn heel nieuwsgierig naar die mooie jurken van Tijn. De gelakte nagels en zijn gekleurde haar hadden ze al eerder gezien en stiekem waren ze jaloers dat hij dit durfde. Ze hebben spijt dat ze hem uitgelachen hebben. Joachim, de jongen die naast hem in de kring zit, vertelt dat hij elke dag op zijn kamer danst. En Christa vertelt dat ze niet kan slapen zonder een speen in bed. Vincent vertelt over zijn barbieverzameling. Aan het einde van de ochtend hebben alle kinderen hun geheim gedeeld. En niemand moest nog lachen. Ze zijn blij dat ze hun geheim hebben durven delen. En Tijn...die komt soms naar school met een broek en soms met een jurk, gewoon omdat hij dat wil.